Paragraaf "Nauwkeurigheid" uit Het plezier van de tekst

PvdT

In Bouvard et Pécuchet lees ik de volgende zin, die me plezier doet: 'Tafellakens, lakens, handdoeken hingen loodrecht omlaag, met houten knijpers vastgemaakt aan de gespannen waslijnen.' ik geniet hier van een overmaat aan precisie, een soort maniakale nauwkeurigheid van de taal, een beschrijvingswaanzin (die men ook in de teksten van Robbe-Grillet vindt). Men is getuige van de volgende paradox: de literaire taal wordt juist ondermijnd, overstegen, genegeerd in de mate waarin zij zich aanpast aan de 'zuivere' taal, die essentiële taal, de grammaticale taal (die taal is uiteraard slechts een idee). De onderhavige nauwkeurigheid vloeit niet voort uit een overdreven zorgvuldigheid, ze is geen retorische meerwaarde, alsof de dingen steeds beter beschreven werden - maar ze vloeit voort uit een verandering van code: het (verre) model van de beschrijving is niet langer de redevoering (er wordt in het geheel niets 'geschilderd'), maar een soort lexicografisch artefact.


Terug naar het begin van deze pagina
20-03-2004